In ons kerkblad Op ‘e Hichte van november staat het volgende redactionele artikel:

Wat kunnen we niet allemaal in het leven koesteren? Je hond, je kat, je favoriete boek, je mooiste moment van de dag of van de week. Vooral niet te vergeten, onze herinneringen. De herinnering aan dierbaren die ons zijn ontvallen, bijvoorbeeld. Of herinneringen aan mooie of vervelende gebeurtenissen uit je jeugd. Toevallige ontmoetingen met verrassende gesprekken, ook zoiets. Ik kwam een kort gedichtje tegen dat alles eigenlijk wel omvat. Dat luidt: “Koester de gouden momenten in het leven, draag ze in het hart met je mee. Wat er ook op je pad mag verschijnen, nooit zullen deze momenten verdwijnen, ze gaan een leven lang mee.”

Hoe kom ik hierop? In september jl. begon de 100ste jaargang van Ouderlingenblad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw. In mijn ogen hét lijfblad van ouderlingen en andere pastorale werkers in de Protestantse Kerk in Nederland. Een maandelijkse uitgave met meningen, handreikingen over tal van onderwerpen, gebeden, liederen, verdiepende teksten, enzovoort. Ook verschijnen er gauw eens themanummers. Het afgelopen jaar werd onder meer aandacht geschonken aan Dood en leven in de Bijbel, Engelen, Geloof, God, Joodse wijsheden, Kerk en Kerkgebouw, Liturgie, Pastoraat.

In het Redactioneel van het september/jubileumnummer werd aangegeven, dat de vragen en de toon van het blad nu anders zijn dan 100 jaar geleden. Het ging in 1922 onder andere om kennis van de kerkorde en vraagstukken van kerkrechtelijke aard. Tijdens het huisbezoek dient de ouderling “te weten op welke wijze hij het Schriftuurlijke medicijn tegen allerlei geestelijke kwalen heeft toe te dienen: hij dient te weten wat hij heeft te antwoorden, te raden hoe hij heeft te troosten, te waarschuwen.” Men was zich bewust van de zware taak die op de schouders van de ouderling ligt: “Wat een kennis van de orde der kerk, wat een kennis van het leven en van het menselijke hart moet hij dan wel niet bezitten!“ Sindsdien is er veel veranderd: het huisbezoek als primair een vorm van toezicht is omgebouwd naar pastoraat, waarbij de mens met zijn of haar vragen en noden centraal staat. En natuurlijk wordt nu ook de vrouwelijke ouderling erkend.

Feit is, dat het Ouderlingenblad ook de redactie van Op ‘e Hichte al geruime tijd tot steun is bij het vergaren van ideeën en teksten voor ons eigen kerkblad. Geregeld hebben wij in de afgelopen jaren inspiratie aan het Ouderlingenblad ontleend voor het – vaak met bronvermelding – aan de orde stellen van bepaalde onderwerpen. Reden genoeg dus om dat prachtige en nuttige magazine te koesteren.

Arie.