Op zondag 30 oktober stonden wij stil bij de overleden dorpsgenoten en gemeenteleden. Voor ieder van hen werd een kaars aangestoken en één kaars werd aangestoken voor alle mensen die overleden zijn.

Heer, herinner u de namen
van hen die gestorven zijn,
en vergeet niet dat zij kwamen
langs de straten van de pijn,
langs de wegen van het lijden,
door een woud van eenzaamheid,
van hun dierbaren gescheiden,
voor de poort van d’eeuwigheid.

Heer wij mogen niet vergeten
wat destijds hier is gebeurd,
opdat wij steeds zullen weten
dat ons heden is gekleurd
door ’t verleden; vast verbonden
met hen die er niet meer zijn.
Wat zij niet beleven konden:
dat wij eens vrij zouden zijn.

Heer, ’t gebeurt nog alle dagen
dat er oorlog is en strijd.
Als wij mensen ons verlagen
tot alleen maar haat en nijd.
Elke dag wordt er bloed vergoten
voor “het volk” en “vaderland”;
wordt er toekomst afgebroken,
overheerst het onverstand.

Heer, geef dat wij willen leren
hoe belangrijk vrede is.
Om in vrijheid u te eren
als de God die liefde is.
Mensen tot hun recht gekomen
leven voor uw aangezicht:
dat zijn onze toekomstdromen:
heel de schepping in het licht

Lied 730. Vertaling Andries Govaart
Melodie Egil Hovland