Het voelde aan als een teleurstelling, het bericht van de kerkenraad in het vorige nummer dat de openluchtdienst ook dit jaar niet zou doorgaan. In plaats daarvan zou het een ‘onderdakviering’ worden, met – zoals de laatste tijd gebruikelijk – maximaal 30 bezoekers. Waarom dit zo was, werd op dat moment niet duidelijk. Mijn verwachtingen waren eerlijk gezegd niet hooggespannen. Want het vooruitzicht van een oecumenische dienst in de Sint Martinuskerk met een beperkt aantal bezoekers kon immers maar moeilijk “concurreren” met het idee van een viering-buiten met veel meer mensen in de prachtige tuin van Camstrastate.

Ik had er niet méér naast kunnen zitten. De oecumenische commissie had namelijk een bijzondere, levendige viering voorbereid met actieve betrokkenheid van jong en oud rond het thema “Samen in het schip”. Centraal daarin stond het verhaal van de storm op het meer, waarin Jezus lag te slapen en zijn angstige leerlingen hem wakker maakten omdat ze bang waren om te verdrinken. Jezus sprak de wind toe waarna die ging liggen.

Deze ervaring liet me weer eens zien, hoe gauw je ernaast kunt zitten met een oordeel over zaken, die nog in de toekomst verscholen liggen. Ook deze onderdakdienst toont aan, hoeveel veerkracht, creativiteit en enthousiasme onverminderd in onze gemeente aanwezig is. De bereidheid van wisselende groepen of personen om steeds weer nieuwe mogelijkheden te verkennen en aan te boren, is hartverwarmend. We mogen ons daar gelukkig mee prijzen.

Het was een plezier om erbij te zijn. Aan de vooraf ingeleverde opmerkingen van de bezoekers over hun ervaringen in de afgelopen periode werd ruimschoots aandacht geschonken. Het enthousiasme waarmee ook de ouderen hun rol speelden in een van de vertellingen deed niet onder voor dat van de kinderen in de boot. Waarbij de gedachte aan minder bezoekers al helemaal naar de achtergrond verdween. Ook bijzonder: fijn om weer een groepje muzikanten van de brassband te zien, terwijl ook de kennismaking met de nieuwe pastor van de rooms-katholieke parochie, afdeling Wytgaard/Easterwierrum, naar meer smaakte.

Hopelijk leiden vieringen als deze ertoe, dat ook anderen hierdoor worden aangestoken om zich met verve in te zetten voor activiteiten, die ze zelf mee bedenken en vorm kunnen geven.

Van belang daarbij is natuurlijk wel dat we, zodra de coronabeperkingen weer goeddeels worden opgeheven, ons daar als gemeente omheen scharen. Bijvoorbeeld door de vieringen weer zoveel mogelijk bij te wonen. Ook hier geldt: hoe meer zielen, hoe meer vreugd.

Arie