Back to basics, terug naar de basis, naar de kern. Ik betrap me er nu vaak op, dat ik die woorden in de mond neem. Het zijn woorden zó van toepassing op ons leven in deze vreemde en verwarrende tijd. Back to basics, dat was ook het speerpunt in het beleidsplan van de PKN Kerk 2025: Waar een woord is, is een weg.

Nu krijgt die term ‘Back to basics’ nog weer een hele andere lading in deze coronacrisis. We worden op onze basis teruggeworpen. We zouden er zeker niet voor hebben gekozen, zoals dat nu ons zo onverwacht overkwam.  In de nieuwe werkelijkheid van vandaag komt de vraag heel sterk omhoog: wat is nu basic, waar gaat het nu echt om, op welke fundamenten sta ik en kan ik staan?

Da Wiebrig de Boer Romkema

Wat is voor mij eigenlijk de essentie? Van mijn leven? In hoe ik samenleef met anderen? In geloven? Nu we op woelig water zijn beland, zoeken we misschien weer extra naar dragende grond, naar een basis, naar geloof dat ‘het houdt’ nu onze vanzelfsprekendheden bedreigd zijn.

Kerk is geloofsgemeenschap waar zij gemeenschap van Christus is. Waar zij leeft uit die bron, die basics. Nu veel niet mogelijk is, onze gewone gang doorbroken is, ook van ons als gemeente,

nu staan we als nieuw stil bij onze bron, verlangen naar levend water voor onze ziel, naar bemoediging en kracht. En we staan evengoed met beide benen op de grond, in de Friese klei en vragen ons voortdurend af: hoe kunnen we nu midden in alle beperkingen gemeente zijn?

Wat zijn dan de basics? En hoe zorgen we dan voor die basics? Het is een zoektocht, een avontuur, wijsheid moet steeds weer worden gevonden.

Durven we creatief en met lef wegen te zoeken, waar geen wegen zijn? Durven we dit mooie Friese gezegde waar te maken: As it net kin sa’t it moat, dan moat it mar sa ’t it kin? 

In dat òm-denken zaten we de laatste jaren al als gemeente. Nu wordt dat versterkt door de crisis die Covid-19 teweegbrengt. Ik vind het bijzonder dat we nu, net als de kinderen, ook als volwassenen in één groot leerproces zitten, wat voor ons allemaal nieuw is.

Op zondag doen we nu dienst met een paar mensen in een bijna lege kerk. Ik kijk veel over de lege banken heen, merk ik. Dan voel ik de confrontatie daarmee minder. Ik kijk veel door de hoge ramen tijdens de dienst naar buiten, in gedachten bij u die thuis luistert. Ik voel verbondenheid met u dwars door de muren heen. Ik wil u hartelijk danken voor alle bemoedigende mails, kaarten, apps, telefoontjes naar aanleiding van de diensten. Dat doet me heel goed. Het geeft verbondenheid voorbij alle afstand die we moeten houden. Ik hoor hoe het u vergaat, ik kan iets delen met u.

Als ik even een wandeling door het dorp maak, hoor ik ook wel eens één van u zeggen: ‘Snein sitte we der wer klear foar hear!’, of ‘Wy ha snein al kofje ûnder de preek hear!’, of: ‘We ha de kreaze klean noch net oan hear no’t we thús de tsjinst belústerje’.

Er is ook nog steeds veel gezonde humor, die een beetje lucht geeft en licht.

Een pastoraal gesprek blijkt ook goed te kunnen via de telefoon, ook al blijft het wel wat ‘behelpen’. Ik leerde vroeger al op de opleiding dat een pastoraal gesprek ook een gesprek met iemand leunend op een hek kon zijn, ergens onderweg. Dat pastoraat overal is. Dat merk ik nu ook weer, hoe er zomaar een goed gesprek kan ontstaan, ook op anderhalve meter van elkaar.

Zo is er verlies en verdriet en onrust in deze tijd, zeker.
Ook zijn er bloemen te plukken onderweg, doen er zich kansen voor,
doemen er ongedachte wegen op die gegaan kunnen worden.

Back to basics, in vertrouwen op de Levende, die in zijn Geest ons draagt en dient.
Waar een Woord is, is immers een weg.

Met vriendelijke groet,
Uw/jouw dominee,
Wiebrig de Boer-Romkema