Zondag Oculi
Vandaag is het de derde zondag in de Veertigdagentijd, zondag Oculi genoemd.
Oculi is Latijn voor ‘ogen’. In Psalm 25, vers 10, staat: ‘Mijn ogen zijn bestendig op
de Heer gericht’.

Jezus spreekt met Samaritaanse vrouw bij de bron. Johannes 4: 5 – 26
De Samaritaanse was Jezus liever niet tegengekomen. Ze komt op het heetst van
de dag naar de put. In de hoop niemand te treffen. Ze heeft iets te verbergen.
Jezus raakt die zere plek juist aan. Hij vraagt haar naar haar man. Zij wil liever over
theologie en tradities praten. ‘Waar moet je eigenlijk bidden?’ Jezus zegt daar wel
iets over, maar stoot door naar het pijnpunt in het leven van de vrouw. Naar waar
ze zich voor schaamt. Ze heeft vijf mannen gehad en de zesde is haar man niet.
Daar moet het over gaan. Wat maakt dat je aan het levende water, het echte leven,
niet toekomt. Daar hunkert de vrouw juist naar. Ze snakt naar het volle, echte
leven. Hoe krijgt ze daar deel aan? ‘Ik ben het levende water’, zegt Jezus. ‘Ik ben
het, die met u spreekt’.

Bij de schikking
In de schikking staat het levende water centraal. Water waardoor wij als mensen kleur en geur mogen geven aan ons leven. In wit komen
immers alle kleuren samen! De geur van jasmijn geeft ons zin in het leven, om in beweging te komen.